Werking van de
longen

Onze longen zijn van levensbelang. Ze zorgen er immers voor dat we kunnen ademen. Maar hoe zit het nu precies met de werking van de longen?

Simpel gezegd zorgen de longen ervoor dat we goed kunnen ademen. Met gezonde longen gaat ademhalen vanzelf, waardoor je bijna zou vergeten hoe belangrijk de longen zijn. Dankzij hen krijgt ons lichaam elke vier seconden zuurstof. Dat is meer dan twintigduizend keer per dag, of acht miljoen keer per jaar. En dat 24 uur per dag, je hele leven lang. Onmisbaar dus, een goede werking van de longen.

Bronchiën

De lucht die we inademen, komt via onze mond of neus in de luchtpijp terecht. De luchtpijp is een stevige buis waarin kraakbeenringen zitten, zodat de buis altijd open is. Hij splitst zich in twee takken, die we bronchiën noemen. De bronchiën gaan elk naar één long. De bronchiën vertakken zich vervolgens zelf ook weer in steeds kleiner wordende takjes; vergelijk het maar met een omgekeerde stronk broccoli. Aan de uiteinden van de kleinste bronchiën zitten de longblaasjes.

Longblaasjes

De longblaasjes bepalen voor een groot deel de werking van de longen. Ze hebben ook nog eens een enorm oppervlak, namelijk zo'n zeventig vierkante meter. De longblaasjes zorgen voor de uitwisseling van zuurstof en afvalstoffen. Dat doen ze via een netwerk van hele kleine bloedvaatjes, die om de longblaasjes heen liggen. Via deze bloedvaatjes komt de ingeademde zuurstof in het bloed terecht. Het bloed vervoert de zuurstof daarna door het hele lichaam. Het bloed geeft afvalstoffen (koolstofdioxide) terug aan de longblaasjes. De koolstofdioxide ademen we vervolgens weer uit.

Slijmvlies

De longen zijn zacht en sponsachtig: dat maakt ze erg kwetsbaar. Om ze te beschermen zijn keel, neus en mond bedekt met een slijmvlies. Als we bij het ademen schadelijke stoffen en bacteriën binnen krijgen, blijven die voor een groot deel kleven aan het slijmvlies. Ook de bronchiën en de longen zelf zijn aan de binnenkant bedekt met een slijmvlies. De zogenaamde trilhaartjes in het longslijmvlies vervoeren het vuil dat er toch is gekomen naar de keel. Daar wordt het slijm opgehoest of ingeslikt (ingeslikt slijm gaat met de ontlasting naar buiten). Zo proberen de longen zichzelf schoon te houden en irritaties te voorkomen.