EAST-studie

EAST-studie 

Start van het onderzoek: 2014

Korte omschrijving

Men spreekt van boezemfibrilleren wanneer de hartboezems erg snel en onregelmatig kloppen, hetgeen op de hartkamers wordt overgedragen en leidt tot een onregelmatige hartslag. Bij sommige patiënten doet boezemfibrilleren zich slechts tijdelijk of in de vorm van aanvallen voor,bij anderen houdt het boezemfibrilleren ononderbroken aan. Veel patiënten klagen daarbij van oversymptomen als “overslaan” van het hart (extrasystolen), versnelde hartslag (tachycardie), benauwdheid, moeheid of een gevoel van angst.

Vaak blijft de hartritmestoornis echter ook volledig onopgemerkt. Boezemfibrilleren is weliswaar niet direct levensbedreigend, maar kan gevaarlijke gevolgen hebben. Zo hebben patiënten met boezemfibrilleren een tot vijf keer zo hoog risico om een beroerte te krijgen. Voor patiënten met extra risicofactoren voor het hart- en vaatstelsel (bijv. hoge bloeddruk, suikerziekte, ouder dan 65 jaar) is de waarschijnlijkheid om een beroerte te krijgen nog hoger. Ondanks vooruitgang in de behandeling van boezemfibrilleren kunnen deze ernstige complicaties nog altijd niet bij iedereen worden voorkomen.

Wij hopen met de uitvoering van de EAST studie te kunnen aantonen dat een zo vroeg mogelijke behandeling van boezemfibrilleren het optreden van een beroerte, hartfalen of hartinfarcten kan verminderen.

Doel van het onderzoek

Er wordt onderzocht of een vroegtijdige en uitgebreide, gestandaardiseerde therapie voor de ritmebehoudende behandeling van boezemfibrilleren ernstige cardiovasculaire complicaties kan voorkomen bij patiënten met een onlangs gediagnosticeerd boezemfibrilleren (BF). De vroege behandeling wordt vergeleken met de huidige gebruikelijke behandeling (“usual care”).

Wat houdt meedoen in?

In het kader van de EAST-studie wordt geen onderzoeksmedicatie gebruikt. Alle geneesmiddelen en behandelingsmethodes zijn al door de gezondheidsinstanties goedgekeurd en worden voor de therapie van boezemfibrilleren geadviseerd in de recente richtlijnen voor de behandeling van boezemfibrilleren.

De nieuwe therapiestrategie bestaat enkel en alleen in de keuze van het tijdstip, namelijk om beproefde maatregelen en geneesmiddelen vroeger dan tot nog toe gebruikelijk was toe te passen. Wanneer u deelneemt, wordt u volgens het toevalsprincipe aan een van beide behandelingsgroepen toegewezen (deze procedure wordt randomisatie genoemd). Deze indeling vindt plaats in de verhouding 1:1 en wordt in het verloop niet meer gewijzigd. De ene patiëntengroep krijgt een therapie volgens de actuele richtlijnen van de Europese Vereniging voor Cardiologie (groep ‘gewone behandeling‘). De andere patiëntengroep wordt eveneens volgens de richtlijnen behandeld, maar krijgt al op een vroeger tijdstip dan tot nog toe gebruikelijk een therapie ter voorkoming van boezemfibrilleren – afhankelijk van de beslissing van uw arts wordt u daarbij door middel van katheterablatie en/of met behulp van medicijnen behandeld (groep ‘vroegtijdige ritmecontrole).

Meer informatie

Dr. S.A.I.P Trines, cardioloog, tel 071 5262020

Sandra Bijl, research verpleegkundige, tel 071 52662359