Longkanker

Wat is longkanker?

Longkanker is een kwaadaardige aandoening van de longen. Roken is in 90% van de gevallen de oorzaak. Longkanker wordt onderverdeeld in 2 hoofdsoorten; de kleincellig longcarcinoom en de niet-kleincellig longcarcinoom. De niet-kleincellig longcarcinoom wordt weer onderverdeeld in plaveiselcelcarcinoom, adenocarcinoom en grootcellig ongedifferentieerd carcinoom. Ongeveer 20% van de gevallen betreft het kleincellig longcarcinoom. Het onderscheid tussen beide soorten kanker is belangrijk voor de behandeling.

Wat zijn de symptomen?

Longkanker ontstaat als een klein proces en geeft lange tijd geen klachten.

Klachten die bij longkanker kunnen ontstaan zijn o.a.:

  • lang bestaande hoestklachten, soms met bloed bij het ophoesten
  • kortademigheid
  • heesheid
  • pijn op de borst
  • slikklachten
  • zwelling van het gezicht of nek
  • vermoeidheid
  • gewichtsverlies
  • slechte eetlust
  • botpijn of hoofdpijn afhankelijk van eventuele uitzaaiingen

Diagnose

Bij het vermoeden op longkanker stelt de longarts u verschillende vragen en doet naast lichamelijk onderzoek verschillende aanvullende onderzoeken om de diagnose te kunnen vaststellen dan wel longkanker uit te sluiten. De onderzoeken zijn ook van belang om bij de diagnose longkanker te kunnen vaststellen in welk stadium de ziekte zich bevindt. Het stadium is belangrijk om vast te stellen welke behandeling meest geschikt voor u is.

De volgende onderzoeken kunnen bij u van toepassing zijn:

  • röntgenfoto van de longen
  • laboratorium onderzoek
  • longfunctie
  • CT-scan
  • PET scan
  • bronchoscopie en biopsie
  • longpunctie
  • endo-echografie (via luchtweg of slokdarm)
  • biopsie door de chirurg middels operatie om de diagnose vast te stellen
  • CT of MRI hersenen bij vermoeden uitzaaiing

Uw longarts bespreekt welk onderzoek bij u van toepassing is en wat het inhoudt.

Behandeling

De behandeling is afhankelijk van welk soort kanker het betreft en in welk stadium het zich bevindt.

De toegepaste behandelingen zijn:

  • operatie
  • bestraling
  • chemotherapie
  • of een combinatie

Als bij een niet-kleincellig longcarcinoom geen uitzaaiingen en de tumor in zijn geheel verwijderd kan worden dan heeft een operatie de voorkeur, uiteraard als de conditie en longfunctie een ingreep toelaat. Een operatie heeft geen zin bij uitzaaiing en zal afhankelijk van de uitzaaiing, lymfeklier of elders, met chemotherapie al dan niet in combinatie met radiotherapie. Kleincellig longcarcinoom wordt zelden geopereerd. De ziekte kan alleen worden geremd met chemotherapie. Als de ziekte beperkt is wordt het meestal in combinatie met bestraling behandeld. Ook hier bespreekt uw longarts de resultaten en de behandelopties met u.

Zie voor meer informatie www.longkankernederland.nl