Echocardiografie

Een echo geeft de cardioloog veel informatie over de werking van uw hart. Zowel de bouw, de vorm, de pompfunctie van het hart en werking van de hartkleppen en bloedstromen worden met een echocardiografisch onderzoek in beeld gebracht.

Uitleg onderzoek

Een echocardiografie is een veilige en onschadelijke manier om uw hart in beeld te brengen. Een echo werkt met geluidsgolven. De echolaborant plaatst een zender, een tranducer, op uw huid. Deze transducer verzendt en ontvangt deze geluidsgolven. De transducer is verbonden met een computer die de geluidsgolven vertaalt naar beelden op een monitor. Deze beelden zijn tweedimensionaal en zwart-wit beeld. Sommige weefsels en structuren laten meer geluidsgolven door dan andere weefsels. Hierdoor zijn er verschillende tinten zwart, wit en grijs op het scherm te zien.

De dopplertechniek wordt gebruikt om de stroomsnelheid van uw bloed te meten. De bloedlichaampjes weerkaatsen de geluidsgolven en afhankelijk van de stroomsnelheid wordt dit in een hoger of lager geluid omgezet. Hoe meer golven, hoe hoger de toon. Uit de toonhoogte wordt de snelheid en de richting van de bloedstroom afgeleid. Deze geluiden maken dus deel uit van het onderzoek.

Voorbereiding

U hoeft voor dit onderzoek vooraf niets anders te doen dan u normaal gewend bent. U neemt uw medicijnen dan ook in zoals u gewend bent, tenzij uw cardioloog iets anders met u heeft afgesproken.

Voor het onderzoek zal de laborant u vragen uw bovenlijf te ontbloten. Er worden een aantal ECG-stickers/zuignapjes op uw borst geplakt. Hierdoor kan uw hartritme worden gemeten. Daarna kunt u voor het onderzoek op de behandeltafel gaan liggen.

Wanneer er gebruik wordt gemaakt van contrastvloeistoffen, krijgt u ook een infuusnaaldje. Wanneer dit het geval is, zal dit vooraf met u worden besproken.

Het onderzoek

Er zijn twee manieren om een echo van het hart te maken.

Uitwendige echo
De bekendste en meest gebruikte methode is de uitwendige echo. In medische termen wordt dit onderzoek een transthoracale echocardiografie, TTE, genoemd. De echolaborant zal u vragen op linkerzij te gaan liggen. In deze houding kan uw hart beter in beeld worden gebracht. Er wordt wat gel op uw borstkast gedaan, waardoor de zender gemakkelijker over uw borstkast kan schuiven. Het onderzoek is niet pijnlijk, maar soms moet de transducer stevig op de huid gedrukt worden om diepgelegen bloedvaten in beeld te krijgen. Ook kunt u wat trillingen voelen die de door de zender worden veroorzaakt. De duur van het onderzoek is 30 tot 45 minuten.

Inwendige echo / slokdarmecho
In bepaalde gevallen kan er voor een inwendige of slokdarmecho worden gekozen. Bijvoorbeeld wanneer bij de uitwendige echo het hart niet goed in beeld kan worden gebracht. Het bereik van de geluidsgolven is namelijk beperkt tot tien tot vijftien centimeter. Met een slokdarmecho kunnen de dieper liggende structuren van het hart in beeld worden gebracht. 

Na het onderzoek

Een echocardiografie is een veilige onderzoeksmethode.  

Mocht u een kalmerend middel hebben gekregen, dan mag u 24 uur niet autorijden. Zorg er dan voor dat er iemand is die u naar huis kan brengen.

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Neem dan contact met ons op. 

Patiëntenfolder

Lees de patiëntenfolder.

VIDEO’S